28-09-2012 - Bouwen aan een open landschap

 

“De woningen staan er allemaal al, maar dat groengebied is er nog niet”
(Interview met David Louwerse in de vierde nieuwsbrief van de Groenblauwe Slinger, september 2012)

De Groenzoom is een relatief klein, maar essentieel onderdeel van de Groenblauwe Slinger: het gebied vormt niet alleen de verbindende schakel tussen het noordelijke en zuidelijke deel van de ‘slinger’, maar schept ook ruimte tussen de Vinex-conglomeraties van Pijnacker en Berkel. David Louwerse staat aan het hoofd van het projectbureau dat de inrichting uitvoert. “Nu alles is volgebouwd, is openheid heel belangrijk.”

 Geen betere werkplek voor het projectbureau dan midden in het in te richten gebied. Met twee verdiepingen torent de houten ‘werkkeet’, waarin het projectbureau gevestigd is, uit boven het polderlandschap. Directeur David Louwerse heeft vanuit zijn kamer op de eerste verdieping bijna 360 graden zicht over zijn werkterrein. Vooralsnog zijn dat vooral weilanden. “Het gebied lijkt ongerept, maar dat is schijn. Toen we twee jaar geleden begonnen, stonden hier nog allemaal kassen.”

De uitvoeringsorganisatie is sinds 2010 aan het werk, in opdracht van de gemeenten Lansingerland en Pijnacker-Nootdorp. Sindsdien is onder meer een grote waterplas gegraven en zijn er veel voorbereidende werkzaamheden onder de grond verricht. Om de geplande vaart van twintig meter breed te kunnen aanleggen, moeten er eerst veel elektriciteitskabels, gas-, CO2- en waterleidingen worden verdiept. “We willen dat de vaart gebruikt gaat worden voor recreatie, zoals de kanosport”, zegt Louwerse. “We hopen ook de biodiversiteit te bevorderen en voldoende waterberging te creëren.”

Van Vinex naar Groenzoom

Louwerse, van oorsprong landschapsarchitect, was lange tijd directeur Beleid en Ruimte van de gemeente Breda. Inmiddels werkt hij al vijftien jaar als zelfstandig projectdirecteur aan verschillende stedenbouwkundige en planologische projecten. Zo gaf hij ruim tien jaar geleden leiding aan de ontwikkeling van de Vinex-opgave in Berkel en Rodenrijs. “Ik kan vanuit mijn raam de huizen net zien”, zegt Louwerse. “Als ik door die wijk rijd, voelt het nog steeds een beetje als mijn maquette.” Nu staat Louwerse dus aan de andere kant van de schutting en draagt hij zorg voor de groene leefomgeving van de wijk. Ironisch genoeg was het groengebied al veel eerder gepland dan de woningen. “Toen wij de woningen eind jaren negentig op de markt zetten, zeiden we: er komt een prachtig groengebied in de buurt. Nu staan die woningen er allemaal al, maar dat groengebied is er nog niet.”

De bezuinigingen van demissionair staatssecretaris Bleker in 2011 brachten het project tijdelijk tot stilstand. Het project gaat gelukkig ongeschonden door. Wel staat de geplande beheerconstructie opnieuw ter discussie. “Aanvankelijk was afgesproken dat de gemeenten de inrichting zouden uitvoeren, waarna Staatsbosbeheer het stokje zou overnemen. De verwachting is nu dat de gemeenten dit zullen doen.”

De koe als instrument

Samen met de gemeenten werkt Louwerse aan een oplossing om het beheer met zo min mogelijk middelen zo goed mogelijk te regelen. Een flinke uitdaging. Gelukkig staat het inrichtingsplan goedkope vormen van beheer toe; overwogen wordt bijvoorbeeld om de veehouders die er nog zijn, in te schakelen om het grasland kort te houden. “De koe is hierbij het instrument, niet het doel”, zegt Louwerse. “Het is zeker niet de bedoeling om opeens weer terug te gaan naar een agrarische inrichting.”

Het doel blijft een open groengebied, waar mensen prettig in kunnen recreëren en de natuur vrij spel krijgt. Louwerse: “Mensen vragen daar ook echt om. Dat heeft te maken met de tijdgeest. Toen De Balij begin jaren negentig werd aangeplant, was er vraag naar een bosrijke omgeving bij de stad. Nu alles is volgebouwd, is een stukje openheid juist weer heel belangrijk.”

« terug