14-08-2017 - Natuurexcursie De Groenzoom 9 augustus 2017 Over eenden, vlinders, libellen, waterjuffers, ooievaars en ganzen

Door toenemende belangstelling voor de natuurexcursies door De Groenzoom ontfermt Groenzoombeheerder Cor Noorman zich ook vandaag achtereenvolgens over twee groepen geïnteresseerden. Voor de tweede wandeling, die  van 15.00 uur,  hebben zich 16 deelnemers gemeld, waaronder ook twee zeer jonge natuurvriendinnetjes. Na zijn inleidend praatje bij de gezellige Theetuin De Groenzoom aan de Stropersweg 1, neemt Cor de groep op deze zonovergoten woensdagmiddag mee op route door een gedeelte van de Voorafsche Polder. 
 
Ruiperiode van de wilde eend
Bij het gemaal van Delfland aan de Pastoor Verburghweg vertelt Cor over de wilde eenden die er zwemmen. De woerden, die anders altijd prachtige gekleurde veren hebben, zijn nu bijna net zo egaal bruin als de vrouwtjeseenden omdat ze in de rui zijn. Dat gebeurt twee keer per jaar, waarbij op het eind van de zomer ook de vleugelpennen worden gewisseld. De eenden kunnen in deze ruiperiode een tijdje niet vliegen en houden zich  zoveel mogelijk schuil in de dichte oeverbegroeiing.
 
Microklimaat en vlinders
Bij één van de karakteristieke Groenzoomhekken geeft de natuurgids een uitgebreide toelichting op het bevorderen van de leefomgeving van bedreigde vlindersoorten als de argusvlinder. Eén van de manieren om een voor deze fraaie vlinder zo gunstig mogelijk milieu tot stand te brengen, is het bij hekken en afrasteringen laten staan van de vegetatie. Dichtbij de grond en tussen de planten wordt het dan warmer en ook vochtiger en in dit voor de vlinder optimale microklimaat kan het diertje zich goed voortplanten. 
 
Aanvullend vertelt Cor ook over het zogenoemde sinusmaaien, waarbij vegetatie gedurende opeenvolgende maaiperiodes afwisselend in hoogte en breedte wordt gemaaid. Op deze manier wordt door de Beheercombinatie De Groenzoom alle mogelijk zorg besteed aan het bevorderen van de biodiversiteit in het hele gebied.  
 
Ganzen en ooievaars
In het plasdrasgebied langs het wandelpad zitten veel ganzen. De grote Canadese ganzen met hun karakteristieke witte kop zijn goed te onderscheiden van de veel talrijkere grauwe ganzen. Er zitten ook twee ganzen met een groene halsband en pootringen.  Cor vertelt dat daarmee de verplaatsingen van overwinterende ganzen (en zwanen) kan worden gevolgd. Een deel van de dieren trekt naar zuidelijker streken om daar te overwinteren, maar andere blijven hier. Door ringonderzoek hoopt men antwoorden te vinden op vragen over de verspreiding van de ganzen buiten het broedseizoen en of er sprake is van lokale populaties. De ganzen in onze omgeving verspreiden zich nauwelijks; de meeste gemerkte exemplaren in De Groenzoom blijken nagenoeg allemaal te zijn geringd in het Zoetermeerse Meerzicht.
 
Een eind verderop staan twee ooievaars te foerageren. Op de vraag of ze ook in De Groenzoom broeden, antwoordt Cor dat er bij Hoeve De Hichte vorig jaar een ooievaarsnestpaal is neergezet, die aanvankelijk werd bezocht door een van die langbenige 'geboortevogel' maar daarna, en tot nu toe, niet in gebruik werd genomen door die majestueuze vogel. Iemand van de aanwezigen vraagt of er dan niet meer van die nestpalen kunnen worden neergezet, maar Cor legt uit dat dat eigenlijk niet de bedoeling is. Ooievaars lusten naast de bekende kikker ook graag een jong weidevogeltje. Eén van de doelstellingen van De Groenzoom is het bevorderen van het weidevogelbestand; een teveel ooievaars in het gebied is daarmee in conflict. Men spreekt daarom ook wel van een ecologische val. 
 
Akkerdistel, vlinders en hommels
Op de dijk langs de Noordersingel staat nog veel akkerdistel, die voor de bloeitijd veelvuldig wordt weggemaaid om overlast voor de omwonenden zoveel mogelijk te voorkomen. Een deel blijft echter staan op stukken die verder weg liggen om te dienen als ideale leefomgeving voor allerlei vlindersoorten, hommels en honingbijen.
 
De ervaren natuurgids pakt voorzichtig tussen duim en wijsvinger een aardhommel van een paarse distelbloem. Hij wijst op de gele strepen en het witte kontje. Het insect onderscheidt daarmee van de geheel zwarte steenhommel die een rood kontje heeft. Cor benadrukt dat het verschil in de kleur van het kontje zit en raadt iedereen aan nooit zomaar een hommel van een bloem te pakken, want voor je het weet steekt hij. 
 
Tussen de bloeiende akkerdistels en andere planten zien we ook nog allerlei vlinders fladderen. Een prachtige Atalanta en even verderop een Klein Koolwitje dat zich aan de nectar tegoed doet. 
 
Waterjuffers en libellen 
Nadat de groep achter Cor Noorman de brug over de Noordersingel is gevolgd, vertelt hij over de vele waterjuffers die in het riet van de dichtbegroeide sloot vliegen.
 
Het merendeel van de fladderaars is het zogeheten Lantaarntje dat zich kenmerkt door de mooie blauwe accenten. Als hij op een rietstengel gaat zitten vouwt de waterjuffer zijn vleugel altijd dicht op de rug. 
 
Libellen, waarvan er ook heel wat tussen de stengels doorvliegen, houden de vleugels altijd gespreid. De foto's laten het verschil goed zien.
 
Na tweeënhalve kilometer wandelen komt de groep na ruim twee uur weer aan bij de Theetuin, waar enkelen eerst even hun dorst lessen met overheerlijk appelsap en geurende kruidenthee die als altijd met een vriendelijk glimlach worden geserveerd. Alle aanwezigen zijn het over een ding eens: Cor Noorman weet ontzettend veel over alles dat leeft, bloeit en groeit in De Groenzoom. Het was een leerzame excursie die zeker voor herhaling vatbaar is. 
 
©JanSmith

« terug